|
Signalering van kniptorren
in graan of gras om schade door ritnaalden in latere aardappelteelt te voorkomen.
kniptorren
Ritnaalden zijn de larven van kniptorren, ze eten graswortels en ander organisch materiaal. De ritnaalden leven meestal vier jaar in de
grond, dan verpoppen ze zich. Uit de poppen komen in het voorjaar de kniptorren tevoorschijn. Deze torren leven een paar maanden en leggen hun eieren bij graan en gras.
Ritnaalden zijn vooral schadelijk in aardappels wanneer die geteeld worden maximaal vier jaar na graan of gras.
Of er ritnaalden in de grond zitten is vast te stellen met ingegraven halve aardappels of lokvallen, maar dat is erg bewerkelijk en onnauwkeurig. Er is nu een betere methode: het signaleren en bestrijden van de kniptorren.
Voor de twee soorten kniptorren die ernstige schade kunnen doen, Agriotes lineatus en Agriotes obscurus, zijn soortspecifieke
feromonen beschikbaar. Met feromoonvallen zijn kniptorren goed te vangen. Door signalering van kniptorren door de Groene Vlieg kan bestrijding op het juiste tijdstip worden uitgevoerd en alleen als het
nodig is. Signalering van kniptorren is gewenst in graan of gras tot en met vier jaar voorafgaand aan een aardappelteelt.
Door gericht te bestrijden kan economische schade door ritnaalden in volgteelten aanzienlijk worden beperkt.
kniptorvallen
Voor signalering van kniptorren heeft de Groene Vlieg een kniptorval ontwikkeld. De Groene Vlieg zorgt voor het plaatsen en de
wekelijkse controle van de vallen. Dit gebeurt vanaf half april tot uiterlijk half juli. Klanten krijgen wekelijks melding of een bestrijding van de kniptorren nodig is. Meestal is er maar één bestrijding per seizoen
nodig. Controles na een bestrijding tonen aan of deze bestrijding het gewenste effect heeft gehad.
Elk veld moet apart worden bekeken, want er zijn aanzienlijke verschillen tussen velden wat betreft de aantallen kniptorren en de perioden waarin er veel zijn.
|