De uienvliegdruk neemt landelijk toe. Dat zien we niet alleen in de bekende hoge druk regio’s, maar ook in regio’s waar de druk nog relatief laag is. Tegelijkertijd vallen er verschillen op tussen gebieden met een hoge en lage dekkingsgraad van de Steriele Insecten Techniek (SIT). Die verschillen laten onder andere zien hoe belangrijk het is om nu samen te handelen.
De Groene Vlieg monitort al ruim 45 jaar de uienvlieg en voert regelmatig trendanalyses uit op basis van deze enorme dataset aan gegevens. Bekend is dan ook dat de dekkingsgraad (het % areaal SIT ten opzichte van het totale uienareaal in een regio) heel belangrijk is voor de effectiviteit van de SIT in de regio. Hoe hoger de dekkingsgraad, hoe hoger de effectiviteit van de SIT. Dit fenomeen doet zich voor in alle uientelende regio’s. Daarnaast spelen intensiteit van de uienteelt, omgevingsfactoren (bosrijk of uitgestrekt), grondsoort en jaarsinvloeden mee in de hoogte van de druk. Hoe intensiever de teelt des te meer is een hoge dekkingsgraad (minimaal 90%) belangrijk.
Patroon op basis van monitoringsgegevens
Uit de monitoringsgegevens van de afgelopen jaren blijkt een patroon te ontstaan. In regio’s met een hoge dekkingsgraad blijft de druk een stuk stabieler. Zo zien we in Veendam, met een dekking van rond de 80% tussen 2022 en 2025, dat de druk vrijwel gelijk blijft. Ook in de NOP, waar de dekking rond de 60–70% ligt tussen 2022 en 2025, blijft de druk stabiel hoewel deze nog steeds hoog is door de intensiteit en gunstige omstandigheden voor de uienvlieg. In Flevopolder Oost, met een dekkingsgraad rond 60%, is de druk deels stabiel maar zien we een stijging in de laatste jaren.
In gebieden met nog lagere dekkingsgraden zien we een nadrukkelijke stijging van de uienvliegpopulatie. Zo zien we in gebieden met een lagere dekking, zoals Noord-Holland (±20%), Flevopolder Zuid (±40%), Zeeland (5–10%) en de Wieringermeer (30–35%), dat de druk in dezelfde periode duidelijk stijgt.
Waarom de druk toeneemt
Volgens Marcel Boone, salescoördinator Zuid-Nederland bij De Groene Vlieg, dragen meerdere factoren bij aan de toenemende druk. “Chemische middelen verdwijnen steeds meer en zaadcoating is al jaren niet meer mogelijk. Daardoor zijn telers afhankelijker van SIT. Daarnaast worden er steeds meer uien geteeld, wat de populatieopbouw versnelt.” Ook het warme najaar van 2025 speelde een rol: in sommige regio’s leidde dit tot een onverwacht hoge piek in de vangsten door een hoge derde vlucht, voegt Marcel toe.
De salescoördinator ziet ook dat de noodzaak van SIT niet overal even sterk wordt gevoeld. “In lage drukgebieden denken telers soms dat het wel meevalt. Maar ook daar kan de druk snel oplopen als er niets gebeurt. En SIT werkt het beste als je het samen doet.” Dit wordt belangrijker nu alle chemische middelen verdwijnen. Een oplopende druk leidt uiteindelijk tot meer aantastingen, opbrengst- en kwaliteitsverlies, zeker wanneer er niet tijdig wordt ingegrepen.
Nu handelen voorkomt problemen later
SIT‑coördinator Dinand Vis benadrukt het patroon tussen dekkingsgraad en toename van druk. De methodiek van de Steriele Insecten Techniek, die wereldwijd wordt toegepast op meerdere plaaginsecten, is gebaseerd op het collectief onderdrukken van de populatie aan plaaginsecten in een bepaalde regio. Voor de uienvlieg geldt dat dit ook.” Volgens Dinand is de SIT op dit moment de enige structurele manier om de uienvlieg op grote schaal te beheersen. “Chemie is geen optie meer. Met een hoge dekkingsgraad SIT kun je de uienvliegdruk actief beheersen en verlagen.” Hij ziet dat er in veel regio’s genoeg data zijn om conclusies te trekken. “We hebben meerdere gebieden van hoge dekking met stabiele druk en lage dekking met stijgende druk.” Hiermee bedoelt Dinand onder andere de eerder genoemde regio’s.
Samen sterker met hoge dekkingsgraad
De boodschap is helder: collectiviteit is cruciaal. SIT werkt het beste wanneer alle telers in een regio samen deelnemen. Hoe hoger de dekkingsgraad, hoe efficiënter en effectiever de techniek werkt. “Je helpt jezelf én je buurman,” zegt Marcel. “En andersom geldt dat ook, dus informeer elkaar en laat je buurman zien wat er speelt.”
Hoe eerder we samen starten, hoe beter we schade kunnen voorkomen. Voor nu én voor de komende jaren. Dat zit zo: wanneer er niks of weinig wordt gedaan tegen de uienvlieg, loopt de populatie jaar op jaar op. Elk jaar wordt dan de uienvliegdruk hoger en moeilijker te beheersen. Het wordt dan ook voor SIT met elk jaar moeilijker om de druk weer beheersbaar te krijgen. Die stijging moeten we voorkomen om het toekomstbeeld voor de uienteelt positief te houden.
Bescherm je uien, tegen uienvlieg èn andere bedreigingen
De uienvlieg is een plaag die je liever voor bent dan achteraf moet bestrijden. Waar telers nog onvoldoende aandacht voor hebben is dat uienvlieg naast de directe schade ook tot indirecte schade leidt. Door verzwakking van het gewas en invalspoorten voor andere ziekten, zoals fusarium, is de schade door uienvlieg vele malen hoger dan alleen wegval van planten. Door nu te kiezen voor SIT, bouwen we samen aan een gezonde en toekomstbestendige uienteelt. De cijfers laten zien dat hoge dekking meehelpt en dat lage dekking risico’s met zich meebrengt.
Wil je weten wat SIT voor jouw bedrijf en jouw regio kan betekenen? Neem dan contact op met ons adviseursteam. Samen houden we de uienvlieg onder controle.